Op de laatste middag van mijn bliksembezoek aan Athene heb ik de viering van het vijftigjarig bestaan van het Nederlands Instituut in Athene bijgewoond. In het voorjaar van 2019 voltooide ik tijdens een verblijf aan het Instituut mijn boek Met gemengde gevoelens op reis. Ik ben lid van het Nederlands Genootschap voor Nieuwgriekse Studies en van de Vereniging Vrienden van het NIA, dus ik zat daar met twee petten op en een aantal goede herinneringen aan mijn verblijf.

De viering begon met een lezing door de huidige directeur, prof. dr. Jan Paul Crielaard, die een overzicht gaf van de vele activiteiten van het Instituut in het jaar 2025. Daarna kwamen twee oud-medewerkers en directeuren aan het woord, prof. dr. Margriet Haagsma en dr. Gert Jan van Wijngaarden, die verhaalden over de geschiedenis van het NIA. Bijzonder interessant om te horen hoe aanvankelijk flink tegen de stroom in moest worden geroeid om het Instituut van de grond te krijgen. Tot slot gaf prof. dr. Sofia Voutsaki van de Groningse universiteit met veel humor een overzicht van de huidige stand van zaken in de archeologie.

De bijeenkomst eindigde met een geanimeerde receptie, op Griekse wijze, dus er werd ruim omgegaan met de traditionele hapjes en de drankjes. Van die hapjes, hoe aantrekkelijk ook, heb ik maar spaars genomen, want na afloop ging ik met twee andere vrienden van het NIA eten bij het drie stappen verderop gelegen Zorbas, mijn favoriete Atheense restaurant, en voor een kleine eter als ik zijn de porties daar al vaak te groot.

Het was erg leuk om tijdens de receptie een flink aantal bekenden terug te zien, waaronder de archeologe dr. Anna Meens, die tegelijkertijd met mij aan het Instituut verbleef en er nu weer met een project bezig is. Omdat ik de volgende dag redelijk vroeg naar het vliegveld moest voor de terugreis, heb ik het bij Zorbas maar niet al te bont gemaakt, hoe gezellig het ook was.

De volgende ochtend zat ik in de KLM-vlucht van Athene naar Schiphol. In de business class (want op mijn leeftijd en met die rug van me ga ik niet meer opgepropt met mijn knieën in mijn nek achterin de sigaar zitten) kregen we een smakelijke maaltijd, zeker voor een vliegtuig, maar wel met een bestekje van triplex. Dan denk je toch heel even: ‘zo we zijn weer terug in Nederland’.