Blog van Kees

14 04, 2026

Koffer gezocht

Door |2026-04-14T09:14:36+00:0014 april, 2026|Tags: , |0 Reacties

Het zat er al in toen ik bericht kreeg dat mijn vlucht naar Thessaloniki was geschrapt omdat er bij Lufthansa voor de zoveelste keer werd gestaakt. Ik had geboekt bij Austrian, die het werk over had gelaten aan de Duitse buren. Die hadden in september mijn verblijf al langdurig verziekt door m’n koffer op Schiphol te vergeten, waarna hij pas acht dagen later in Thessaloniki arriveerde.

Ik kreeg keurig bericht van Lufthansa dat ik was omgeboekt. Ik zou met ITA naar Rome vliegen en daar overstappen op een vlucht van Aegean naar Thessaloniki. Overstaptijd veertig minuten. Hoewel we bij wijze van uitzondering niet met vertraging van Schiphol vertrokken, werd dat in de praktijk een half uur. De twee toestellen stonden naast elkaar geparkeerd, maar wat ik vanaf het begin al vreesde: mijn koffer is nog ergens onderweg. ‘We hebben nog geen antwoord op onze berichten naar Amsterdam en Rome’, aldus een vriendelijke meneer op het vliegveld van Thessaloniki, die ik vanmorgen belde. Ik ben niet tegen het recht om te staken, maar ik zit opnieuw met de gebakken peren, om het maar eens origineel te zeggen. Morgen weer naar de Kapani om onderbroeken, hemden, sokken, een overhemd en een warme trui, want het is op het ogenblik in Griekenland frisser dan in Nederland. Tenzij het ding vandaag nog arriveert. Daar reken ik maar niet op.

Gelukkig heb ik de supermarkt om de rechterhoek, mijn favoriete restaurant om de linkerhoek en vier apotheken in de straat, terwijl de burgemeester een paar huizen verderop woont, maar die arme man kan er verder ook niets aan doen. Verhongeren zal ik niet en de persoonlijke hygiëne is gewaarborgd, maar het zal lang duren voor ik nog eens op stap ga met de Oostenrijkers of Duitsers. Nu ja, niet in Dordrecht, als stadsgids, dan kan ik het prima met hen vinden, maar de lucht in? Dat laat ik voortaan maar aan Van Speijk over.

9 04, 2026

Patatje

Door |2026-04-09T10:47:51+00:009 april, 2026|Tags: , , |0 Reacties

Met R. naar de presentatie van Het lied van Agilouz geweest, de nieuwe roman van Mohammed Benzakour. De ondertitel luidt Hoe ik vogels bevrijdde in Indonesië. Het boek begint met een ontroerend verhaal over een ontmoeting met een vogel, nadat Mohammed heel slecht nieuws ontving over de gezondheid van zijn moeder, na een herseninfarct. Over zijn moeder heeft hij de prachtige roman Yemma. Stilleven van een Marokkaanse moeder geschreven, maar dit terzijde. Er werd ook werkelijk een vogel bevrijd: een merel uit de vogelopvang kreeg in de tuin van boekhandel Van Gennep aan de Oude Binnenweg in Rotterdam, waar de presentatie plaatsvond, de vrijheid en zit daar nu hopelijk volop te kwinkeleren.

Het was druk bij Van Gennep, maar gelukkig vond ik nog een plekje om te zitten, want mijn rug wilde gisteren niet echt meewerken. Aan het prachtige lenteweer zal het niet hebben gelegen. Ik had op tijd een pilletje moeten slikken, denk ik. Er was mooie muziek, een combinatie van Koerdische luit en dwarsfluit. De musici hadden nooit eerder samen gespeeld, maar het klonk prachtig. Kees Moeliker sprak in vogeltaal en cabaretier en schrijver Hans Dorrestein hield een puntige lofrede. Voor zover ik het kon verstaan, want de microfoon bij Van Gennep had iets harder mogen klinken. De knappe dame die ik na afloop met Hans Dorrestein op het terras van Sijf zag, vroeg of ik Kees was van de verhalenmiddag in Visser, wat mij enigszins verraste.

We waren met de trein naar Rotterdam gekomen. Geen pretje in de spits. Normaal reis ik eersteklas, maar voor dat korte stukje vanaf Dordrecht even niet. Gelukkig was er nog wel een zitplaats in de boemel die zich tegenwoordig sprinter noemt. Ik heb het niet op sprinters, maar dat had ik ook niet op boemeltreinen. Omdat we aan de vroege kant waren legden we even aan in Melief Bender, een stokoud en bijzonder prettig etablissement. Ik weet zeker dat opa Klok, mijn Rotterdamse grootvader, er ook weleens kwam. Lang geleden, want hij is in 1963 gestorven.

Na afloop zijn we opnieuw naar Melief Bender getogen voor een afzakker. Daarna wilden we een patatje halen op Rotterdam CS, voor we terug spoorden naar Dordrecht. Dat konden we vergeten, er was om negen uur ’s avonds op het station van de grootste havenstad van Nederland geen frietje meer te krijgen. In arren moede toen maar een sausijzenbroodje gekocht bij Albert Heijn. Gelukkig geen vegetarisch, zoals je alleen maar kunt krijgen in het Albert Schweitzer ziekenhuis in Dordt. Ik heb niets tegen vegetarisme, al doe ik er zelf niet aan, maar ik haat het als je mensen geen keuze gunt.

8 04, 2026

Traditionele weg

Door |2026-04-08T10:26:40+00:008 april, 2026|Tags: , , , , |0 Reacties

Het was weer een plezierige ervaring om aan boord van een riviercruiseschip een lezing te geven over de hoogtepunten (en een enkel dieptepunt) uit de geschiedenis van Dordrecht. Het was voor een Engels gezelschap. Een klein beetje een thuiswedstrijd dus, met een fraai uitzicht over het drukste rivierenkruispunt van Europa. Eerder, op eerste paasdag, had ik een stadswandeling met een groepje Amerikanen. Voordeel van een kleine groep is dat je meer persoonlijk contact hebt dan wanneer het aantal gasten erg groot is. Even dreigde een spettertje regen, maar dat woei snel over. Aardige, enthousiaste mensen die er ook niets aan kunnen doen dat er een, op zijn zachtst gezegd, eigenaardige meneer bij hen president is. Hopelijk nog maar voor heel even, maar dat houd ik voor me. Die mensen komen voor Dordrecht en haar boeiend verleden, niet voor mijn gedachten over het wereldgebeuren.

Voor die wandeling een bezoek gebracht aan het atelier van in Pictura (open atelier route). Ze is weer met een indrukwekkend werk bezig. Later dit jaar gaat ze in Dordrecht exposeren. Ik kijk daar nu al naar uit. Aan andere ateliers ben ik niet toegekomen, want eerst luisterde ik ’s morgens naar mijn favoriete programma op Radio 1 (OVT van de VPRO) en vroeg in de middag moest ik met mijn gasten op stap. Daarna was het te laat en bovendien riep de stamkroeg waar de dag diende nabesproken.

Verder de afgelopen dagen alvast bezig geweest met enige voorbereiding voor de presentatie van Verscholen in het groen. De meeste uitnodigingen zijn de deur uit. Alles via e-mail, al druk ik er nog wel eentje af voor vriend G., die niet in het bezit is van enigerlei computerapparatuur, e-mail of wat daar ook op lijkt, zaken die hij verafschuwt. Hij moet het zelf weten, moeilijker kun je het jezelf in deze tijd niet maken, maar dan gaat het ook helemaal volgens de traditionele weg, via een envelop met een postzegel. Ook al is de voor mij dichtstbijzijnde brievenbus (schandalig zoveel als het postbedrijf er heeft weggehaald) nog geen honderd meter van zijn huis.

30 03, 2026

Zoveel meer

Door |2026-03-30T05:54:34+00:0030 maart, 2026|Tags: , , |0 Reacties

Zaterdag naar de uitreiking van de Schefferprijs geweest in het Dordrechts Museum. Interessante interviews met de genomineerden, Faria van Creij-Callender, Ricardo van Eyk en Lorian Gwynn. De prijs ging naar Faria. Voor de aansluitende borrel de tentoonstelling bezocht en genoten van het werk van alle drie de kandidaten. Er is veel moois te zien in het museum. De tentoonstelling van Turner en Assmann en nu ook deze van de Scheffer. Vlak ook de vaste collectie niet uit. Met enige regelmaat loop ik het museum binnen om naar een aantal parels uit die collectie te kijken. Te Noorden bij Nieuwkoop van Weissenbruch bijvoorbeeld, maar er is zoveel meer. Ik zou er drie pagina’s A4 mee kunnen vullen.

Gistermiddag ‘Vertel je verhaal’ in Visser, de verhalenmiddag die ik samen met Jet Hoogerwaard, Nahed Hallak, Walter van de Lagemaat en Mohammed Benzakour organiseer. Tien vertellers met ieder een waar gebeurd verhaal. Het was een sfeervolle middag. Visser was bijna tot de laatste plaats vol. Wel de nodige last van de rug. Misschien omdat ik ’s morgens had gewerkt als stadsgids, al geef ik liever het verzetten van de klok de schuld. Wintertijd, zomertijd, wintertijd, zomertijd…. Niemand die het wil, maar toch ieder half jaar weer dat malle gedoe en dat al decennia lang.

Na afloop wilden we met een klein gezelschap gaan eten bij Olivia, maar dat zat helemaal vol. Daarom werd het Portobello, waar het gezellig was, maar waar ik de wagenwielpizza uiteraard niet in zijn geheel naar binnen kreeg. Met de helft had ik, hoewel hij lekker was, als kleine eter al moeite. De laatste keer dat ik daar at, was op de sterfdag van Stella, ruim achttien jaar geleden. Beetje bijzonder wel. Het goot van de regen, toen ik uiteindelijk naar huis fietste, en het woei dat het een aard had. Beroerd weer dat mijn humeur grondig bedierf, al weet ik dat dat niet helpt.

Foto: Walter van de Lagemaat

21 03, 2026

Akoestiek

Door |2026-03-21T10:14:43+00:0021 maart, 2026|Tags: , , , , |0 Reacties

Jaap Schlee (1948-2016), portret van Paul Léautaud. Tekening, potlood.

Gisteravond met  en haar moeder naar een concert door Merwe’s Oratorium Vereniging in de Augustijnenkerk. Het Requiem van Duruflé, het Stabat Mater van Josef Rheinberger en het lied ‘Verleih uns Frieden’ van Mendelssohn. Indrukwekkend mooi, met bijzondere begeleiding op het kerkorgel en door een vioolorkest. Ik moest aan mijn ouders denken, die in 1947 in de Augustijnenkerk zijn getrouwd en in het bijzonder aan mijn vader, die in onze tijd in de kosterswoning van de Remonstrantse kerk regelmatig op het orgel speelde. Toen we een bandje hadden, in de jaren zestig, repeteerden we weleens in de kerk, die de beste akoestiek van alle Dordtse kerken heeft. Soms speelde pa op het orgel een paar nummers mee.

Na afloop werd ik aangesproken door een dame die vroeg of ik Kees Klok was. Het bleek dat we klasgenoten waren op de Boermanschool. We hadden elkaar drieënzestig jaar geleden voor het laatst gezien. Dat ze me herkende na zo’n lange tijd! Misschien omdat mijn kop met enige regelmaat opduikt in de plaatselijke media?

’s Middags het portret van Paul Léautaud, getekend door Jaap Schlee, opgehaald bij de lijstenmaker in de Vriesestraat. Ik kocht het een paar jaar geleden tijdens een tentoonstelling in Pictura, waarna het lang in een map op mijn werkkamer stond. Hij hangt nu in de woonkamer naast het schilderij van Dimitris Xonoglu. Het was een aangename zestien graden toen ik naar het centrum fietste, na afloop van het concert was het rond het vriespunt. Dat was even slikken.

18 03, 2026

Overgewaaid

Door |2026-03-18T10:01:21+00:0018 maart, 2026|Tags: , , |0 Reacties

Aan de koffie. Net terug van het stembureau. Lekker makkelijk, want ik woon er vrijwel recht tegenover. Als het verder weg was geweest, was ik uiteraard ook gaan stemmen. Onze voorouders hebben niet voor niets voor het stemrecht gevochten, de gemeente is de dichtstbijzijnde bestuurslaag, waar je op allerlei manieren mee te maken hebt en als je niet gaat stemmen moet je ook niet zeuren en klagen over van alles wat je vindt dat er mis is in de stad.

Het lijkt lente te worden, al is de wind me te fris en mag de temperatuur nog wel iets omhoog. Ik heb de eerste mannen in korte broek alweer gezien. Ik blijf het een zotte dracht vinden. Zeker in de stad. Zo’n broek is iets voor de eigen tuin, maar de mensen lopen nu eenmaal graag rond in malligheden en lompen. Die rare spijkerbroeken met ‘designgaten’ bijvoorbeeld. Het schijnt dat het nu ook mode wordt om vooraf bevlekte broeken te dragen, de bedelaarslook zal ik maar zeggen. Ik hoop nog eens op de terugkeer van de corduroy bandplooibroek en verder zal de mode mij worst wezen.

Straks gaan de gerania naar buiten. Ik twijfel nog een beetje of het niet te vroeg is, maar ze staan al weken binnen in de weg, dus moeten ze maar de deur uit. Voor de paprikaplanten is het nog te vroeg, die gaan na de IJsheiligen de tuin in. De planten in de bloembakken hebben de winter niet overleefd, behalve een viooltje dat ergens vandaan over kwam waaien en nu dapper staat te bloeien. Dat mag blijven als ik de bakken over een poosje weer ga vullen.

10 03, 2026

Roest

Door |2026-03-10T14:59:06+00:0010 maart, 2026|Tags: , , |0 Reacties

J.W.M. Turner, Harlech Castle gezien vanaf de Twgwyn Ferry

Een mooie bespreking van de tentoonstelling Water en Licht (Dordrechts Museum) vanmorgen in Trouw, door Joke de Wolf. Jammer dat ze alleen waarderend over Turner schrijft, maar niets over Nicky Assmann. Ik kan me niet voorstellen dat dat deel van de tentoonstelling, dat prachtig aansluit bij het latere werk van Turner, haar is ontgaan. Beetje merkwaardig ook dat ze het imposante, laat-dertiende eeuwse Harlech Castle, dat in een van Turners schilderijen figureert, een fort noemt, maar verder is ze zeer positief over de expositie en dat is terecht. Ik heb hem nu drie keer gezien en ga beslist nog eens. Ik kan er geen genoeg van krijgen en ik ben bovendien bang dat ik het van mijn levensdagen niet nog een keer ga meemaken dat die unieke schilderijen in Nederland te zien zijn.

Gisteren onder handen genomen door de mondhygiëniste. Nooit een fijne ervaring al is het een bijzonder aardige vrouw. Na een half uur was alle roest eraf, maar toen mocht ik nog een uur lang niet eten of drinken. Gelukkig was het mooi weer, terrasweer, dus na dat uur ben ik als een speer naar een terras gefietst waar enige vrienden zich al hadden verzameld.

Op maandag zitten we vaak bij Centre Ville, waar, zoals al mijn lezers al menigmaal hebben moeten horen, in 1891 mijn grootvader ter wereld is gekomen. Als ik naar het toilet moet, op de eerste verdieping waar zich de geboorte heeft voltrokken, hoop ik nog altijd een keer de geest van mijn overgrootvader tegen te komen. Ik heb hem zo het een en ander te vragen. Nee, overgrootvader is daar niet overleden, dat was op de Vrieseweg, in 1948, maar dat huizenblok is in de jaren tachtig wegens verregaande bouwvalligheid afgebroken en je kunt toch veronderstellen dat zo’n geest dan op zoek gaat naar een andere, bekende plek. Hij kan ook naar Bodegraven zijn vertrokken, waar hij werd geboren. Ik vraag me af hoe hij Anna Recourt uit Dubbeldam heeft ontmoet, waarmee hij in 1888 trouwde. Het jonge stel heeft nog even in Bodegraven gewoond, daarna kort in Rotterdam, maar uiteindelijk vestigden ze zich in Dordrecht. Een beslissing waar ik nog altijd blij om ben.

6 03, 2026

Kroegcollege

Door |2026-03-06T11:38:48+00:006 maart, 2026|Tags: , , |0 Reacties

Gisteren hadden we in Visser het kroegcollege van dr. Marlisa den Hartog over haar boek Seks in de Renaissance. Het was buitengewoon interessant en Marlisa is een geweldige spreekster, een topdocente. De Universiteit Leiden mag blij zijn met zulke medewerkers. We hadden opnieuw een ‘volle bak’, ondanks dat enkele vaste bezoekers ontbraken. Die waren naar een ‘inspiratieavond’ in het stadhuis, waar een poging werd gedaan om die schamele paar maanden in 1877 dat Vincent van Gogh nogal tegen zijn zin in Dordrecht woonde uit te melken om de stad op te stoten in de vaart der volkeren. Herdenken is goed, maar niet tegen wil en dank en niet als je jezelf er lichtelijk belachelijk mee maakt.

Voor de avond bij Visser een tijdje in het stadsarchief gewerkt. Het onderzoek begint vorm te krijgen. Er moet nog veel leeswerk worden gedaan om een en ander in historisch perspectief te plaatsen, maar dat is alleen maar plezierig. Misschien zit er ook wel een toekomstig kroegcollege in. In april hebben we alweer het laatste van dit seizoen. Dan spreekt collega drs. Guus de Landtsheer over Jeremy Bentham. Daarna gaan we langzamerhand aan het werk om sprekers te zoeken voor het seizoen 2026-27.

Bij de huisarts een gordelroosvaccinatie besteld. Die zou voor mensen van mijn leeftijd gratis worden, maar daar is het kabinet van teruggekomen, dus ik betaal hem maar zelf. Ik ken te veel mensen die verschrikkelijk ziek zijn geweest van gordelroos en ik heb geen zin om dat risico te lopen. Ik vind het overheidsbeleid wat dat betreft kwalijk en kortzichtig, want voorkomen is in de regel goedkoper dan genezen. Gelukkig lijkt het erop dat de regering voor allerlei onzalige bezuinigingen op de zorg geen parlementaire meerderheid krijgt, al weet je het nooit met al die rechtse politici. Die vertrouw ik voor geen cent.

27 02, 2026

Indisch verleden

Door |2026-02-27T11:55:52+00:0027 februari, 2026|Tags: , , , |0 Reacties

Terug van de fysio-fitness. Veel minder vermoeid dan vorige week. Ik zou haast denken dat het in het weer zit, in het, hopelijk, definitieve afscheid van de winter. Hoewel, je weet niet wat ons nog te wachten staat op weerkundig gebied. Een paar staaltjes daarvan zijn in deel IX van mijn serie literaire dagboeken te vinden.

Dat deel is vandaag officieel gepubliceerd, maar pas volgende week te bestellen. Als het zover is, publiceer ik uiteraard de link, maar men kan vanaf nu ook terecht bij de reguliere boekhandel. De titel is Verborgen in het groen. Literair dagboek 1989-1990. Het ISBN-nummer is: 978 9403 8691 17. Meer hoeft de boekhandel niet te weten. O ja, de prijs is 19, 90 euro, zeg maar twee tientjes. Een prikkie dus. De presentatie is pas in mei, als de zon iedere dag straalt en het gevogelte kwinkeleert dat het een lust is. Wanneer precies hoor je nog.

Gisteren was ik bij een lezing van Kevin Felter over Indische Dordtenaren. Een activiteit van de Vereniging Oud-Dordrecht. Hij behandelde de geschiedenis van de migranten die terechtkwamen in Dordtse pensions na de onafhankelijkheid van Indonesië. Een ruim opgezet onderzoeksproject dat resulteerde in het boek Tussen weemoedig en senang dat op 1 maart verschijnt en vanaf die datum hier te bestellen is. Dordtenaren kunnen daarvoor ook terecht bij de plaatselijke boekhandels.

Felter benadrukte het belang van het blijven vertellen van het verhaal van deze eerste generatie migranten, die zich kenmerkt door een vergaande zwijgzaamheid over het eigen verleden. Gelukkig is er inmiddels een generatie opgestaan met wortels in Nederlands-Indië die dat verleden wil onderzoeken en toegankelijk maken.

25 02, 2026

Vers

Door |2026-02-25T10:48:49+00:0025 februari, 2026|Tags: , |0 Reacties

Er staat weer een brood in de oven en altijd als dat het geval is trekt er een heerlijke geur door het huis. Vroeger bakte Stella altijd ons brood, toen ze ziek werd heb ik die taak van haar overgenomen en na haar overlijden ben ik er mee doorgegaan. Dordrecht kent een aantal uitstekende bakkers, maar niets gaat boven mijn brood, niet zo zeer vanwege de smaak, die prima is, maar vooral vanwege het plezier dat ik eraan beleef.

Naast het recept van Stella dat ik meestal gebruik, maak ik ook zo nu en dan pita broodjes of andere baksels uit de twee geweldige boeken van Claudia Damen, Vers deeg en Zoet deeg. Voor mensen die graag bakken of koken loont een kijkje op haar website, waar de lekkerste recepten zijn te vinden. In september komt een nieuw boek van haar uit, dat ik zeker ga aanschaffen ook al ben ik zelf een beetje lui en eet ik nogal eens buiten de deur.

Inmiddels is het alarm op mijn telefoon afgegaan en staat het brood af te koelen. Vroeger gebruikte ik een klassieke kookwekker, maar op een avond heb ik die in de uiensoep laten vallen, waarvan het apparaat niet meer is hersteld. Ηet is vandaag ook nog eens de eerste lentedag van 2026 en dat na een paar nare, donkere weken met zelfs een zondagse sneeuwstorm. Op school leerden wij het gezegde ‘Maart roert zijn staart’ en ‘Aprilletje zoet heeft soms nog weleens een witte hoed’. Straks maar snel naar buiten dus om even te genieten. Ik ben geen doorgewinterde pessimist, maar er kan over een week zomaar weer sneeuw liggen.

Ga naar de bovenkant