column

Oorlog

Tot in mijn twintiger jaren was ik een liefhebber van vuurwerk. Tot ik op een oudejaarsavond een brandend stuk vuurpijl in mijn nek kreeg. Een ongelukje waaraan niemand wat kon doen. De schade viel achteraf mee, maar voor mij hoefde het niet meer. Ik kan die knallende types best begrijpen, maar ik begrijp de tegenstanders van vuurwerk met de jaren meer en meer.

Wij Nederlanders hebben een bijzondere eigenschap: we slaan gemakkelijk door in van alles en nog wat. Of we bedrijven massaal de vrije liefde, zoals eind jaren zestig, begin jaren zeventig, of flirten is bijna een doodzonde in het huidige, superpreutse tijdsgewricht. Ja, nu sla ik zelf een beetje door, ik ben tenslotte ook Nederlander, maar van het redelijk onschuldige vuurwerk uit mijn jonge jaren zijn we beland in een oorlogstoestand waarin knallers met de kracht van een handgranaat worden afgestoken.

Als er ergens in een zaal waar dominostenen op hun kant worden gezet om in het Guiness Book of Records te komen een mus rondvliegt die wordt afgeschoten omdat het beestje de recordpoging bedreigt, is het land te klein. Als een gevaarlijke wolf wordt afgeschoten komen er protestdemonstraties en strooien toetsenbordidioten met doodsbedreigingen, maar met oud en nieuw interesseert dierenleed de knallende Nederlander geen reet. Aan het milieu heeft hij ook schijt, evenals aan de doden en gewonden, en voor de miljoenenschade moet een ander maar opdraaien. Ik hoor het Asterix al zeggen: ‘Rare jongens, die Nederlanders’. Volgend jaar moet het uit zijn met de oorlog van 31 december. Ik hoop dat het lukt.

Door |2025-12-31T13:00:05+00:0031 december, 2025|Tags: , |0 Reacties

Wintertijd

Op 26 oktober gaat de wintertijd weer in. Helaas. Ik heb een hekel aan dat verzetten van de tijd, ik heb vooral een hekel aan lange, donkere avonden en ik zie niet in waarom dat gedoe heden ten dage nog enig nut heeft. Voor mij niet in ieder geval, maar je moet mee in die onzin, dus voor ik op de 26e mijn bed in duik gaan alle klokken een uur achteruit, behalve eentje.

De keukenklok blijft doorgaan met de zomertijd. Dat is mijn bescheiden daad van verzet en het scheelt me de beklimming van een wankel trapje om bij het ding te komen. Mensen op licht gevorderde leeftijd moeten bij voorkeur geen dingen als keukentrapjes beklimmen hoorde ik eens op een bijeenkomst van gepensioneerden. Ook moet er rubber onder de druppelkleedjes rond het toilet, anders kun je tijdens het wateren een onverwachte smak maken. In de badkuip met douche kun je beter een rubberen mat leggen, dat voorkomt een fatale uitglijder en natuurlijk wordt een fietshelm aangeraden.

Gemakshalve heb ik mijn bad laten vervangen door een inloopdouche met de stroefst mogelijke antislipvloer. Alleen in het pied-à-terre in Thessaloniki loop ik nog risico bij het nemen van een stortbad. Een fietshelm? Nee, daarvoor ben ik te gehecht aan mijn hoeden, of bij storm en regen een pet. Op mijn hoofd geen ei, hoe verstandig het ook zou zijn. Ik krijg langzamerhand een tikje de schurft aan al dat verstandig zijn. Nu mijn herfsttij des levens langzamerhand begint aan te breken vind ik dat ik het recht heb een beetje onverstandig te leven. Om het leuk te houden. Niet dat zeikerige, maar wel een flinke borrel op zijn tijd. Zo komt een mens de duistere maanden van de naderende wintertijd wel door. Nou ja, dat hoop ik dan.

Door |2025-10-22T14:01:26+00:0022 oktober, 2025|Tags: , |0 Reacties
Ga naar de bovenkant